PCM - Plagiocephalometrie (voorkeurshouding)

 

Een voorkeurshouding en/of een afgeplatte schedel is bij baby’s een veelvoorkomend probleem. Een voorkeurshouding kan ertoe leiden dat het hoofdje aan één kant afplat en daardoor scheefgroeit. Wanneer de voorkeurshouding langere tijd aanhoudt, kan er ook een asymmetrie in het gezicht ontstaan.

 

Schedeldeformatie is in een tweetal vervormingen te onderscheiden en wel in plagiocephalie (schuine vervorming) en brachycephalie (afplatting achterzijde schedel). Ook komt het begrip anteropositie (de stand van de oren ten opzichte van elkaar) bij schedelvervorming regelmatig voor.

De kinderfysiotherapeut meet een eventuele afplatting van de schedel  met behulp van een bandje om het hoofd (schedelmeting oftewel plagiocephalometrie).

 

Bij de aanwezigheid van schedelvervorming geeft de Argenta schaal het type van de schedelvervorming aan. 

 


Er worden een aantal zaken gemeten om mogelijke schedel-afplatting vast te stellen.

  • ODDI - ratioverschil ODL en ODR (plagiocephalie)
  • EDI - stand van de oren t.o.v. elkaar (anteropositie)
  • CPI - verhouding SD en AP (brachycephalie)

De symmetrische stand van de oren ten opzichte van elkaar (anteropositie) wordt vastgelegd in de meetwaarde EDI (Ear Deviation Index).

  • Een EDI kleiner dan 4% is normaal.
  • Ligt de EDI tussen de 4 en 7% dan bestaat er een milde anteropositie van het oor aan de voorkeurszijde.
  • Indien de EDI tussen 7 en 10% dan is er sprake van een ernstige anteropositie van het oor.
  • Bij een EDI gelijk aan of boven 10% wordt gesproken van een zeer ernstige anteropositie van het oor aan de voorkeurszijde.

Plagiocephalie (schuine vervorming)

  • type 1 - asymmetrie van het achterhoofd
  • type 2 - asymmetrie van het achterhoofd, anteropositie van het oor aan voorkeurszijde
  • type 3 - asymmetrie van het achterhoofd, anteropositie van het oor aan voorkeurszijde, frontale asymmetrie
  • type 4 - asymmetrie van het achterhoofd, anteropositie van het oor aan voorkeurs-zijde, frontale asymmetrie, gezichts-asymmetrie
  • type 5 - asymmetrie van het achterhoofd, anteropositie van het oor aan voorkeurszijde, frontale asymmetrie, zichtsasymmetrie, temporaal uitstulpingen of posterior verticale craniale groei

Brachycephalie (afplatting achterzijde schedel)

  • type 1 - centrale deformiteit van het achterhoofd
  • type 2 - centrale deformiteit van het achterhoofd, verbrede schedel van het achterhoofd
  • type 3 - centrale deformiteit van het achterhoofd, verbrede schedel van het achterhoofd, verticale groei van het hoofd of temporaal uitstulpingen